De 6 belangrijkste boeken van Eric Bolle

Vandaag word ik 66. Een mooie gelegenheid de zes belangrijkste boeken in mijn leven op een rijtje te zetten en te karakteriseren. Deze boeken zijn belangrijk omdat ze altijd in mijn hoofd zitten en zich bij wat ik meemaak gewenst maar ook ongewenst aandienen. Voor alle duidelijkheid: het gaat dus niet om de zes mooiste of diepzinnigste boeken. Het gaat om de boeken met de meeste invloed op mij. Of ik nu wil of niet. Ze komen toch, en ze komen altijd terug. Dit is in die zin mijn top 6:

1.

Nietzsche: Zur Genealogie der Moral

Het boek waar ik het vaakst aan denk en het meest les over heb gegeven. Het draait om ressentiment, en legt uit hoe afgunst en jalousie de wereld draaiende houden en – zonder dat wij dat beseffen – aan de basis staan van vele manieren van denken.

Ressentiment is een goede verklaring voor het fascisme (Menno ter Braak in zijn onlangs opnieuw uitgegeven brochure Het nationaalsocialisme als rancuneleer).

Hoe overwin ik de rancune? Ophouden met reageren op anderen, leren jezelf  te bevestigen. Tegengif tegen het gif. Filosoof als arts van de cultuur. Zo leven dat je de eeuwige terugkeer wilt van wat je doet en meemaakt. Wie het ressentiment overwint is soeverein en hoeft zich niet te rechtvaardigen.

2.

Hölderlin: Der Tod des Empedokles

Schoolvoorbeeld van zondebok en homo sacer. Politicus die bereid is zichzelf steeds opnieuw aan het volk uit te leggen. Man van de differentie. Wordt niet begrepen. Roept ressentiment op. Hij is het leven zat en snapt dat dat komt door zijn eigen arrogantie. De dood als opnieuw versmelten met de natuur en als bron van vrede en vernieuwing.

3.

Kafka: Das Schloss

Kafka echte Nietzscheaan. Het geweld en de straf van In der Strafkolonie als mnemotechniek (link met Zur Genealogie der Moral). Roept K. ressentiment op en wil men hem daarom niet op weg helpen? Probleem van gezag en macht, recht biedt geen uitweg maar verwijst de mens terug naar zichzelf (Vor dem Gesetz). Politiek geen alternatief. Revolutie leidt alleen maar tot nieuwe bureaucratie.

Anders dan bij Nietzsche geen nieuwe onschuld, geen nieuw paradijs. Je moet jezelf rechtvaardigen, maar jezelf rechtvaardigen is onmogelijk.

4.

Musil: Der Mann ohne Eigenschaften

Teleurstelling over universiteit en academische (lees positivistische) filosofie. Essayisme als uitweg uit deze patstelling. Analyse van vergaderpraktijk als moderniteitskritiek. De mogelijkheid bekleedt een hogere metafysische waardigheid dan de werkelijkheid. Probeer mogelijkheden open te houden zonder ze te willen verwerkelijken. Bescherm het potentiële en houd het vast. Intimiteit (Geschwisterliebe) en mystiek. Reis naar het paradijs.

Andere toestand mogelijk, maar tijdelijk en moeilijk te scheiden van verkeerd soort roes zoals enthousiasme voor WO I.

5.

Broch: Die Schlafwandler

Net zoals bij Musil teleurstelling over de universiteit en het neopositivisme. Ergert zich aan de verwaarlozing van metafysische vragen in onze cultuur en ziet de rampzalige gevolgen daarvan. Daartegenin zet hij in op essayisme en het demonstreren van de waardenleegte aan de hand van personen en gebeurtenissen in zijn romans. Architectuurkritiek als kritiek op de moderniteit.

Fascisme ontstaat uit gebrek aan levensbeschouwelijke anker- en oriëntatiepunten, wanneer men metafysisch niet meer weet wat leidend is. Oude vragen opnieuw stellen. Beleidsontwikkeling, democratie, massapsychologie, mensenrechten – alles op basis van de platoonse idee. Zonder platoonse idee is het leven onmogelijk.

6.

Jünger: Eumeswil

De vraag is niet hoe je als denkende mens aan de maatschappij kunt of moet deelnemen. De vraag is hoe je je aan het sociale onttrekt en de maatschappij uit jezelf verdringt. De anarch leeft vanuit de principes dat er niets boven hem gaat, en dat de dingen hem niets aangaan. Desinvolture als levenshouding.

Wat opvalt…

Het gaat om titels die ik minstens drie keer heb gelezen en waarvan ik merk dat ze steeds weer terugkeren in mijn gedachten (soms zelfs met tegenzin) ook al ben ik ze op dat moment niet aan het lezen.

Deze boeken moet je niet mee willen nemen naar een onbewoond eiland want ze gaan over het vraagstuk hoe je met de maatschappij om moet gaan. En van de maatschappij heb je geen last op een onbewoond eiland.

Meest opvallende afwezige: Heidegger. Degene van wie ik het meest heb gelezen en over wie ik het meest heb geschreven ontbreekt bij de eerste zes!

Dit is niet het lijstje typisch van een filosoof. Literaire teksten hebben de voorkeur waarbij figuren de dragers zijn van gedachten. De filosofie wordt uitgebreid naar het essay, en essayisme zet de toon.

Dat heeft te maken met de teleurstelling in de universiteit. Broch en Musil hebben mij geholpen die teleurstelling te verwerken en komen met conceptualiseringen die niets aan actualiteit en geldigheid hebben ingeboet.

Dit lijstje is opgesteld ter gelegenheid van mijn 66e verjaardag. Het bevel van het absolute heeft nog geen vorm gekregen. Het is pas de laatste tijd begonnen dienst te doen als baken voor de nieuwe levensfase waarin ambities en maatschappelijke activiteiten aan actualiteit inboeten en de weg vrij komt voor contemplatie en spiritualiteit. Als centraal thema denk ik daarbij aan de dood en het leven na de dood. Richting wijzend zijn daarbij in ieder geval Agamben (Homo Sacer), Hölderlin (“Leven is dood en dood is ook een leven.”) en Schelling (Clara).